Een legendarisch pad van genezing uit de prehistorie (Suin, Frankrijk)

Pierre van Eijl

Legendarische stenen

Sommige landschappen laten zich bekijken. Andere lijken terug te kijken.

Tijdens een vakantie in Bourgondië stuiten we (mijn wandelvriendin Erna en ik) op internet op een wandelroute bij het kleine dorp Suin: het Sentier des Pierres à Légendes, het Pad van de Legendarische Stenen. Alleen de namen van de plekken langs de route zijn al genoeg om de verbeelding wakker te roepen: een hunebed, de Fauteuil de César, de Duivelsheuvel, een offersteen en andere rotsen waaraan verhalen uit een ver verleden zijn blijven kleven.

Onze wandeling begint bij de kerk en het café Au Petit Suin. Vandaar volgen we de oranje bordjes met Pierres des Légendes. Het pad voert langs weilanden en lijkt aanvankelijk weinig geheimzinnigs te hebben. Gras, bomen, stilte. Geen steen die onmiddellijk de aandacht trekt.

Maar terwijl het voetpad smaller wordt, verandert er iets. Tussen struiken en planten verschijnen grote, half overwoekerde stenen. En bij die stenen ervaar ik plotseling een sterke metafysische energie. Het is een uitstraling die ik herken van megalithische bouwwerken: hunebedden en andere stenen monumenten uit een tijd waarvan wij de spirituele kennis nauwelijks nog kunnen doorgronden.

Volgens de beelden die bij mijn eerdere aura-readingen naar voren kwamen, bezaten mensen in die verre tijd kennis van het energetiseren van stenen. Zij bouwden niet alleen met gewicht, vorm en richting, maar ook met energie. Zo ontstonden plaatsen met een doelbewuste energetische structuur, onder meer gebruikt door priesters en priesteressen bij rituelen en genezingswerk.

We dalen verder af. Opnieuw een steen. En nog een. Steeds weer diezelfde merkwaardige uitstraling. Waarom liggen juist hier zoveel energetisch geladen stenen? Waarom langs een pad?

Onderaan gekomen blijf ik staan. Ik sluit mij af voor de gewone wereld om mij heen en richt mijn aandacht op het pad als geheel. Met aura-reading probeer ik mij helderziend af te stemmen op wat zich hier ooit zou kunnen hebben afgespeeld.

Langzaam vervaagt het heden.

En dan komen de beelden.

Het Genezingspad

Ik zie een man.

Hij heeft pijn. Vooral de linkerkant van zijn lichaam doet hem zeer. De pijn trekt door naar zijn linkerbeen en maakt dat hij kreupel loopt. Al jaren draagt hij deze last met zich mee. Wat ooit misschien nog draaglijk was, is langzaam erger geworden.

Daarom is hij hier. Hij weet dat wat hem wacht niet gemakkelijk zal zijn. Maar doorgaan zoals hij deed, wil hij evenmin.

Onderaan het pad wacht een priester op hem — een man die wij tegenwoordig misschien een sjamaan zouden noemen.

‘Waarom ben je gekomen?’

De man vertelt over zijn pijn, over zijn been, over de jaren waarin zijn lichaam hem steeds meer in de steek lijkt te laten.

Hij heeft voedsel meegebracht als betaling: goed voedsel, zorgvuldig gekozen. De priester neemt het geschenk aan.

Dan kijkt hij de man indringend aan. ‘Weet dat je op dit pad eerlijk moet zijn. Volkomen eerlijk. Wie hier liegt, kan door de goden niet worden geholpen.’

De man slikt. Juist eerlijkheid is voor hem niet eenvoudig. Hij zwijgt vaak om anderen niet voor het hoofd te stoten. Hij verbergt wat hij werkelijk voelt.

Maar hij knikt.

En samen beginnen ze aan de klim.

Op wie ben je boos?

Langzaam gaan ze omhoog over het Genezingspad.

Figuur 1: Omhoog over het Genezingspad

‘Rustig,’ zegt de man. ‘Ik kan niet zo snel.’

Bij een van de energetische stenen houdt de priester halt. ‘Vertel de goden op wie je boos bent.’

De man kijkt hem onzeker aan.

‘En vraag hen je te helpen je woede los te laten.’

Een stilte.

Dan fluistert hij: ‘Ik ben boos op mijn buurman. Hij pest me omdat ik kreupel loop.’

‘Harder.’

De man herhaalt zijn woorden.

‘Harder. De goden moeten kunnen horen dat je boos bent.’

Nu verheft de man zijn stem. Hij roept de woorden uit. Eerst onbeholpen, daarna krachtiger. De jaren van ingehouden ergernis krijgen ineens geluid.

‘Nog eens,’ zegt de priester. ‘En nog eens. Vraag de goden je van je boosheid te bevrijden.’

De man roept.

En terwijl zijn stem tussen de stenen klinkt, gebeurt er iets onverwachts: hij voelt verlichting.

Alsof een last die hij zo lang heeft meegedragen een weinig van zijn gewicht verliest.

‘Goed,’ zegt de priester. ‘Ga verder. Wie heeft je nog meer boos gemaakt?’

Er komen herinneringen boven. Zijn dochter, die hem ooit uitlachte omdat hij iets verkeerd zei. Een sterkere man die hem iets afnam. Oude vernederingen waarvan hij dacht dat hij ze allang vergeten was.

Maar het lichaam was ze blijkbaar niet vergeten.

Van wie houd je?

Bij de volgende steen verandert de opdracht.

Figuur 2: Opvallend grote geënergetiseerde steen op het Genezingspad

‘Vertel de goden van wie je houdt,’ zegt de priester. ‘En spreek met passie.’

Opnieuw begint de man voorzichtig. Hij houdt van zijn zoon. Hij is trots op hem.

Hij denkt aan een meisje op wie hij als jonge man verliefd was, maar dat hij nooit kon krijgen. Hij denkt aan zijn vrouw, vooral aan de eerste jaren samen, toen alles nog nieuw was en zij zacht en lief voor elkaar waren.

‘Zeg het,’ spoort de priester hem aan. ‘Laat je liefde niet alleen een gedachte zijn. Laat haar stralen.’

De man spreekt de namen uit. Hij herhaalt zijn woorden.

En dan wordt hij warm. Rond zijn hart voelt hij iets openen. Alsof niet alleen zijn stem, maar zijn hele borstkas zich herinnert wat liefde is.

Wie haat je?

Ze klimmen verder.

Figuur 3: Lopend tussen de energetische genezingsstenen

De man merkt dat er iets in zijn lichaam begint te stromen. Dan bereiken ze opnieuw een steen.

‘Wie haat je?’ vraagt de priester.

De man schrikt. Boosheid uitspreken was al moeilijk genoeg. Maar haat?

‘Laat de goden het horen,’ zegt de priester. ‘Anders kunnen zij je niet helpen.’

Lang blijft het stil. Dan zegt de man: ‘Ik haat de man die een stuk van mijn grond wilde afpakken. Hij heeft planten geoogst die van mij waren.’

‘Nog eens.’

De man herhaalt het.

Daarna komt een andere herinnering: de man die zijn dochter van hem wilde wegnemen.

Ook die haat krijgt woorden.

En opnieuw merkt hij dat het uitspreken ervan hem niet donkerder maakt, maar lichter. Alsof het verborgen gif juist kracht verliest doordat het eindelijk in het licht mag komen.

Wat vervloek je aan je lichaam?

De priester kijkt hem aan.

‘En je lichaam? Wat vind je daar niet goed aan? Wat vervloek je misschien zelfs?’

Het antwoord komt onmiddellijk.

‘Mijn kreupele been. De pijn. Ik haat het dat mijn lichaam zo is.’

Hij vertelt zelfs dat hij op pijnlijke plekken heeft geslagen, alsof hij zijn lichaam kon dwingen weer gehoorzaam te worden.

‘Zeg het hardop,’ zegt de priester. ‘En vraag de goden de vervloekingen die je naar je eigen lichaam hebt gestuurd, op te lossen.’

Terwijl de man spreekt, beseft hij hoe hard hij voor zijn eigen lichaam is geweest.

Dat lichaam heeft hem jarenlang gedragen.

En toch heeft hij het vervloekt.

Langzaam maakt de afkeer plaats voor iets anders.

Geen liefde nog, misschien.

Maar wel zachtheid.

En waardering.

Waar word je blij van?

Ze gaan verder omhoog, naar een volgende steen.

Figuur 4: Bij het Genezingspad verder omhoog

‘Vertel de goden nu waar je blij van wordt.’

De man kijkt verbaasd. Hij is gekomen om over pijn te spreken. Over problemen. Over alles wat mis is.

Niet over vreugde.

Hij moet lang nadenken.

Dan verschijnt er een glimlach.

Hij wordt blij wanneer zijn land er goed verzorgd bij ligt. Wanneer zijn vrouw gelukkig is en hem kust. Wanneer er thuis gelachen wordt. Wanneer de mensen van de gemeenschap samenkomen en plezier hebben.

Hoe meer hij vertelt, hoe levendiger de beelden worden.

En terwijl hij ze hardop uitspreekt, merkt hij dat vreugde niet alleen iets is wat je overkomt.

Je kunt haar ook oproepen.

Je kunt haar herinneren.

Je kunt haar ruimte geven.

Vraag de goden om hulp

Dan zegt de priester:

‘Vraag de goden je te helpen de oorzaak van je pijn te vinden en op te lossen. Vraag het luid en duidelijk.’

De man doet wat hem wordt opgedragen.

En plotseling flitsen beelden uit zijn verleden door hem heen.

Hij ziet zichzelf met één hand aan een hoge boomtak hangen. Hij herinnert zich hoe hij daarbij een spier verrekte.

Hij herinnert zich een vuistslag die iemand in zijn zij gegeven heeft, een klap waarvan hij dagenlang last had.

Hij herinnert zich hoe hij later zelf op de pijnlijke plek sloeg, uit frustratie, alsof geweld het lichaam kon genezen.

‘Vraag het opnieuw,’ zegt de priester.

Dan komt er een oudere herinnering.

Hij is nog een kind.

In een schuur pakt hij iets wat verboden is. Hij valt en bezeert zich ernstig. Maar uit angst voor straf vertelt hij niemand wat er gebeurd is.

De pijn werd verzwegen.

De angst werd verzwegen.

Het geheim werd verzwegen.

Nu, vele jaren later, spreekt hij het eindelijk uit.

Keer op keer.

En terwijl hij dat doet, voelt hij op de pijnlijke plek in zijn lichaam iets bewegen.

Figuur 5: Geënergetiseerde steen op het pad

Waarvoor schaam je je?

‘We zijn bijna bij de genezingssteen,’ zegt de priester. ‘Maar eerst nog dit. Is er iets wat je hebt gedaan waarvoor je je schaamt? Iets waarvan je hoopt dat niemand het ooit te weten komt?’

De man bloost.

Een herinnering uit zijn jeugd komt boven.

Hij speelde naakt in het water met anderen. Met een meisje beleefde hij daar intimiteit, terwijl dat volgens de regels van zijn gemeenschap niet mocht. Later trouwde zij met een andere man.

Het geheim is oud.

Maar de schaamte leeft nog.

De man vertelt.

En wanneer de woorden eenmaal uitgesproken zijn, merkt hij opnieuw die wonderlijke verlichting.

Wat verborgen moest blijven, hoeft niet langer bewaakt te worden.

De genezingssteen

‘Nu gaan we naar de steen van genezing,’ zegt de priester.

Voor hen ligt een groot rotsblok.

De man moet erop gaan liggen.

Een tweede priester wordt geroepen. De ene houdt zijn handen vast, de andere ondersteunt zijn hoofd.

Dan begint het.

De man voelt warmte door zijn lichaam stromen.

Een hand wordt op de pijnlijke plek bij zijn middenrif gelegd. Plotseling lijkt diep vanbinnen iets los te springen. Zo krachtig dat hij naar adem hapt.

Daarna nog iets.

En nog iets.

Alsof knopen die jarenlang strakgetrokken waren, één voor één loskomen.

Dan verspreidt zich een weldadige warmte door de problematische kant van zijn lichaam, van boven tot beneden.

Hij begrijpt zonder dat iemand het hem hoeft uit te leggen dat genezing tijd vraagt. Misschien dagen. Misschien weken.

Zijn voeten worden ingesmeerd met een zachte zalf.

Voorzichtig helpen de priesters hem overeind.

‘Rustig,’ zegt een van hen. ‘De komende weken moet je je lichaam rust geven. Wat binnenin begonnen is, moet de tijd krijgen om verder te gaan.’

‘Ben ik nu genezen?’ vraagt de man hoopvol.

De priester kijkt hem aan.

‘De spanning is uit je lichaam. Dat helpt. Hoe de genezing verdergaat, zullen we later zien.’

Iets teruggeven

Ondersteund door beide priesters loopt de man verder omhoog.

Bij een volgende energetische steen blijven ze staan.

‘Luister,’ zegt de priester. ‘Je hebt veel ontvangen. Wat kun jij nu aan anderen geven?’

De man zwijgt. Hij voelt dankbaarheid. Niet de dankbaarheid van iemand die vindt dat hij een schuld moet afbetalen, maar de natuurlijke behoefte iets van het ontvangen licht door te geven.

‘Ik zal mijn dochter helpen wanneer zij gaat trouwen. Ik geef haar een mooie pot om in te koken. En ik zal zorgen voor goed eten op de bruiloft.’

De priester glimlacht. ‘Dat is een begin. Maar niet alles wat je geeft hoeft bezit te zijn. Soms is een vriendelijk woord kostbaarder.’

De man denkt aan zijn buurman. ‘Dan zal ik hem weer vriendelijk groeten.’

Aan zijn vrouw. ‘Ik zal haar laten weten dat ik haar waardeer. Ze verlangt naar een hanger van een mooie steen met een gaatje erin. Die wil ik voor haar zoeken.’

En aan zijn zoon. ‘Ik zal hem zeggen dat ik trots op hem ben. Dat ik zie hoe hard hij op de boerderij werkt.’

De priester knikt.

Misschien, zo lijkt het, begint genezing niet alleen wanneer pijn verdwijnt.

Misschien begint zij ook wanneer iemand opnieuw leert geven.

Een wens voor de toekomst

Er wacht nog één steen.

Figuur 6: Laatste sterk energetische steen van het Genezingspad

‘Dit is de laatste,’ zegt de priester. ‘Hier mag je een gelofte doen. Of een wens uitspreken.’

Hij vraagt de man zijn ogen te sluiten. ‘Stel je voor dat je genezen bent. Niet half. Niet bijna. Stel je voor dat je lichaam vrij is van ongemak en dat jij je werkelijk goed voelt. Zie het zo helder mogelijk voor je.’

De man sluit zijn ogen. Tot zijn verbazing verschijnt het beeld vrijwel onmiddellijk.

Hij ziet zichzelf.

Rechtop.

Vrij.

Licht.

Hij voelt bijna hoe het is om die man te zijn.

‘Stuur dat beeld nu omhoog,’ zegt de priester. ‘Naar de goden. En vraag hun je te helpen het werkelijkheid te laten worden.’

De man doet het.

Het beeld stijgt in zijn gedachten op.

En een ogenblik is er alleen stilte.

Vertrek

‘Wie is met je meegekomen?’ vraagt de priester.

‘Een vriend. Hij wacht verderop, bij een huis. Er staat een bank voor.’

Samen lopen ze erheen.

Wanneer zijn vriend hem ziet, kijkt hij verbaasd.

De man die terugkomt is niet dezelfde als de man die eerder het pad opging. De pijn is niet verdwenen. Zijn been is niet plotseling volmaakt genezen.

En toch straalt er iets uit hem wat er daarvoor niet was.

‘Doe rustig aan,’ waarschuwt de priester nog eenmaal. ‘Forceer niets. Geef je lichaam de kans om te herstellen.’

Dan nemen ze afscheid.

Later

De dagen worden weken.

Langzaam merkt de man dat zijn lichaam verandert. De pijn neemt af. Hij loopt minder kreupel. Het leven wordt lichter.

Later zal hij nog eens naar het Genezingspad terugkeren. Ook dat bezoek zal hem verder helpen.

Maar misschien is er iets veranderd dat nog belangrijker is.

Hij spreekt vaker zijn waardering uit.

Hij zegt wat hij voelt.

Hij is vriendelijker geworden voor anderen — en misschien ook voor zichzelf.

En de mensen om hem heen reageren daarop.

De man die vroeger vaak zuchtte en klaagde, wordt iemand die een ander moed kan geven wanneer het leven tegenzit.

Het pad heeft niet alleen iets in zijn lichaam aangeraakt.

Het heeft iets in hem wakker gemaakt.

Terugblik

Wanneer ik na de aura-reading opnieuw naar het pad kijk, krijgen de stenen een andere betekenis.

Wat als dit ooit werkelijk een Genezingspad is geweest?

Een weg waarop iemand niet eenvoudigweg naar een genezingssteen liep, maar stap voor stap werd voorbereid. Steen na steen. Emotie na emotie.

Woede.

Liefde.

Haat.

Afwijzing van het eigen lichaam.

Vreugde.

Pijnlijke herinneringen.

Schaamte.

Dankbaarheid.

En uiteindelijk: een beeld van een mogelijke stralende toekomst.

In de beelden uit de reading vormen de stenen samen als het ware een energetische route. De priester begeleidt de bezoeker niet alleen lichamelijk naar boven, maar ook door zijn eigen innerlijke landschap. Wat verborgen is, wordt uitgesproken. Wat vastzit, mag bewegen. Wat vergeten was, wordt herinnerd.

Pas daarna volgt de eigenlijke behandeling.

Het doet mij denken aan het Genezingspad bij de bron van de eeuwige jeugd in Bretagne.

Misschien ligt juist daarin het geheim van zulke oude krachtplaatsen: niet in één steen, één ritueel of één wonderbaarlijk moment, maar in een zorgvuldig opgebouwde reis van buiten naar binnen.

Een reis waarbij de mens zelf onderdeel wordt van het ritueel.

Verder langs de legendarische stenen

Het Genezingspad blijkt niet het enige raadsel langs het Sentier des Pierres à Légendes.

Verderop ligt een zogenoemde offersteen.

Figuur 7: Offersteen

Op de foto lijkt hij schuiner te staan dan hij in werkelijkheid ligt. Ter plaatse is goed te zien dat de steen veel horizontaler ligt.

Nog verder komen we bij de Fauteuil de César — de Stoel van Caesar.

Figuur 8: Fauteuil de César, met mijn wandelmaatje Erna

Ook hier hangt die bijzondere sfeer die zulke plaatsen eigen kan zijn: een mengeling van landschap, steen, overlevering en iets wat zich moeilijk in woorden laat vangen.

Iedere plek draagt een naam.

Iedere steen een verhaal.

En soms, wanneer je lang genoeg stil bent, lijkt het alsof onder die verhalen nog een veel oudere laag verborgen ligt.

Meer over megalithische monumenten

Meer onderzoeksverslagen over prehistorische rotstekeningen en over het mogelijke oorspronkelijke functioneren van hunebedden, menhirs, steencirkels, wiegende stenen en cupules, onderzocht met behulp van aura-reading, zijn te vinden in de rubriek Mijnhunebed op de website van het Hunebedcentrum in Borger en op de website van het KoendalinieNetwerk.

Daar wordt ook uitgebreider beschreven wat onder een aura-reading wordt verstaan.

In mijn boek Magische stenen, korte verhalen uit de hunebedtijd, uitgegeven door Obelisk, zijn meer verslagen opgenomen van aura-readingen bij hunebedden. Uit deze readingen komt het beeld naar voren dat hunebedden oorspronkelijk niet uitsluitend als graftombes functioneerden, maar mogelijk ook doelbewust gebouwde spirituele krachtplaatsen waren.

Ook wordt daar ingegaan op mogelijkheden om de veronderstelde spirituele en energetische werking van megalithische monumenten nader wetenschappelijk te onderzoeken.

Wie zelf wil ontdekken in hoeverre zijn of haar beeld van hunebedden overeenkomt met wat in deze aura-readingen naar voren is gekomen, kan de Hunebedquiz doen.

Want misschien zijn de stenen niet zo zwijgzaam als wij denken.

Misschien is vooral de vraag of wij nog weten hoe we moeten luisteren.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *